Als kind droomde ik van een hyperromantisch huwelijk, een groot gezin en een toffe afwisselende en creatieve job. Ik droomde van verre reizen, avonturen en heldendaden. Dromen als wensen.
Vandaag heb ik eigenlijk maar één heel voorspelbare droom: ik zit op terras met drie toffe vrijgevochten jongvolwassen dames. We genieten van de zon, plagen elkaar en kletsen over de zin van het leven en over “de mannen”. Drie gezonde en gelukkige kinderen, dat is het enige wat ik wil. Het zou leuk zijn moesten daddy en ik de groeipijn zonder veel kleerscheuren overleven maar zij zijn het belangrijkste. Heel origineel ben ik dus niet met mijn grote levenswens, al moeten we toch toegeven dat de mijn uitwerken stuk minder evident is dat die van doorsneer ouders.
“Geniet van vandaag, niemand heeft u morgen beloofd”. De quote gaat al enkele dagen rond op facebook, naar aanleiding van de busramp in Zwitserland. Is deze uitspraak bedoeld als steunbetuiging? “Niemand heeft u morgen beloofd?”. Ik geloof niet in god, en zeker niet in het lot maar ik geloof wel in morgen en overmorgen. Die kinderen uit Lommel waren wel zeker een morgen en een overmorgen beloofd. Als twaalfjarige heb je plannen en dromen met hopen. Net daarom is het zo vreselijk tragisch.
Aan hun dromen is abrupt een einde gekomen. En de ouders blijven zitten met een onvoorstelbare nachtmerrie.