Boeven

‘Mevrouw. U mag uw tas daar niet onbewaakt laten staan.’ Van achter mijn camera staar ik de lieve oudere man aan. We staan op de receptie van een huwelijk. Veel valt er niet meer te stelen, denk ik bij mezelf. Mijn camera hangt rond mijn nek, en bovendien lopen hier alleen gasten rond. ‘Ik ken een koppel van wie alle enveloppes verdwenen tijdens hun trouwfeest.’ De ene anekdote volgt de andere op, alsof iedereen wel iemand kent die door eigen vrienden of familie zijn bestolen.

Wie zijn die mensen?

Geen dag later trek ik met mijn meisjes naar een Sinterklaaspersoneelsfeest. Na de voorstelling krijgen alle kinderen een geschenkje. U kent dat wel, een warme drukke Vipruimte vol overactieve jengelende ettertjes. Op een tafeltje stapelde ik al onze bezittingen op: geschenkjes, snoepgoed, jassen enzovoort. Mijn meisjes gaven Sint en Piet een hand, ik maakte een paar matige kiekjes en dan hielden de kinderen zich bezig in de speelhoek terwijl wij ouders onszelf trakteerden op een gaasje wijn. Natuurlijk hield niemand de pakjes nog in de gaten.

Voelt u hem al komen?

Bij vertrek bleek dat één geschenkje voetjes had gekregen. Die cadeautjes waren een extraatje. Mijn kinderen hebben speelgoed genoeg. Een drama vind ik het dus niet. Maar hoe leg je zoiets uit aan je kind? ‘Waren hier dan echt boeven mama?’ Tja.

Wie doet nu zoiets? Welke ouder zegt tegen zijn kind: ‘pak snel dat van dat andere kindje. Zo hebben wij er lekker twee.’ De media betalen niet bijzonder goed maar armen mensen liepen daar niet rond. We zijn dus bestolen. Maar op lange termijn is eigenlijk dat andere kind de pineut. Het kreeg een extra geschenkje maar werd tegelijkertijd ook een beetje beroofd, van een goede opvoeding dan.

ik-waak-voor-mijn-baas

Advertenties

8 gedachten over “Boeven”

  1. Verdrietig hé. Ik wou eigenlijk ook al een verhaaltje vertellen, over iets gelijkaardig. Maar daar gaat het niet om.
    Zullen we afspreken wat we gewoon wat naïef en goed in vertrouwen blijven, en onze kindjes dat ook leren?
    Liever dat, dan hen te leren snel iets van een ander weg te nemen. Of dat ze niet mogen vertrouwen op anderen. Toch?

  2. Al 12 jaar ga ik naar de XPdays conferentie. Al de jaren neem ik +100 boeken mee, die ik gewoon op een tafel laat liggen gedurende 2 dagen.
    (En met mij enkele anderen) massa’s mensen bekijken die boeken, lezen ze …
    Op die 12 jaar ben ik 1 boek kwijt geraakt. (En ik ben niet eens zeker dat het daar is.) Dit jaar heb ik mijn digitale camera ook gewoon ter beschikking gesteld. Voor mij hangt veel af van het vertrouwen dat je geeft aan mensen en de omgeving waarin dat gebeurd.

    Zou ik hetzelfde doen op een ander plaats?
    Minder, al wil ik altijd mensen per definitie vertrouwen. Het wantrouwen van mensen is te kostelijk.

    Als consultant is heb ik een test die ik uitvoer als ik in een bedrijf beging.
    ik zet op mijn bureau een potje met een totaal van 5 euro erin.
    Zonder uitzondering zijn de bedrijven waar dat geld blijft liggen, altijd super tof om te werken. De plaatsen waar het geld de eerste dag al verdwijnt daar kan ik beter zelf ook opstappen, want die zijn zeer toxic.
    Alles ertussen in, daar is werk aan het vertrouwen maar dat valt mee.

  3. Awel An, daarom heb ik jou zo gemist! Al die heerlijke verhaaltjes waarmee je toont dat alles relatief is… En reken mij aub ook bij die naïeve mensen, Prinses op de kikkererwt! En laat onze kinderen de wereld een beetje mooier maken ondanks hun vertrouwen in die medemens…

  4. Ik dacht spontaan ook: misschien is het een ongelukje, heeft iemand zich vergist. Maar je weet dat niet zeker.

    Ik ben zelf nog nooit bestolen. Ik ben al twee keer mijn gsm kwijt geweest. Ik bleef er altijd rustig onder. Iedereen om me heen zei me: hij is gestolen. Ik zei: maar neen, die is uit mijn tas gevallen en iemand zal die vinden en bellen naar een nummer dat erin zit. Ik dacht altijd: hoe groot is de kans dat uitgerekend iemand met slechte bedoelingen die gsm vindt? En inderdaad: een dag later was hij telkens terecht.
    Onlangs vergat ik mijn handtas in de bus. Ik ontdekte dat toen ik net was uitgestapt. Daar stond ik dan: twee kleine kinderen met een beoekentas en zeshonderd zakken in mijn handen, want ik was net gaan shoppen. 🙂 De dochter was in paniek toen ik zei dat mijn geld, mijn sleutels én mijn gsm in die tas zaten. Ze dacht misschien dat we onder de brug gingen moeten slapen. 😉 Maar ik zei haar dat het goed zou komen, dat er heus geen boeven op die bus zaten. Dat geloof ik ook echt. Een halfuur later was de handtas terecht.

    Ik ben niet naïef, ik weet dat er gestolen wordt. En dat is erg. Maar in paniek schieten probeer ik niet te doen. Al zal ik daar misschien ook anders over denken als het me eens echt overkomen is …

  5. Heel veel mensen die ik ken zijn al bestolen (van een sigaret tot een woninginbraak, noem maar op). Toch slaap ik nog altijd met mijn achterdeur open en laat ik mijn handtas overal openstaan en slingeren. Zelf ben ik nog niet bestolen, enkel dingen kwijtgespeeld. Ik wil precies op die manier van de naïviteit gebruik maken en zeggen: zie je wel, bij mij komen ze niet, hoewel ik maar al te goed besef dat ik gewoon al veel geluk gehad heb. Is het dan zo fout te dromen van een wereld zonder misdaad? Ik zou dat ook aan mijn kinderen willen laten geloven…

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s