Categorie archief: leerstoornis

Nina 6 jaar

6 jaar worden is geweldig. Als baby en kleuter beseffen ze vaak niet goed wat er aan de hand was. Deze keer was het menens.

Nina telde al dagen af en gisteren was het dan eindelijk zover. In de voormiddag was het feest op school. Papa kwam langs in de klas als clown en trakteerde al de klasgenootjes op een paar leuke ballonfiguurtjes. In de namiddag vierden we thuis, samen met al haar vriendinnetjes en later op de namiddag met de familie. Drie feesten op één dag en een berg cadeautjes.

Genieten was het, voor Nina maar ook voor ons. Ik ben zo trots op mijn kleine meid. Apgar score 1 op 10, een moeilijke start vol opnames en longontstekkingen en medicatie. Zie ze nu zitten, zo groot en sterk en vrolijk.

Advertenties

Zumba

Sport is gezond, zeggen ze. Zelf geloof ik meer in bewegen. Ik zie mezelf als redelijk sportief maar eigenlijk klopt dat niet. Ik sport zo goed als nooit, en zeker niet in een club. Sporten om te sporten, zegt me niet zo veel. En ook om ter eerst, is niet aan mij besteed. Maar ik beweeg graag. Fietsen naar school, spelen met de kinderen, trap op en trap af, trampoline springen, rollerbladen, snowboarden, skiën, zwemmen, in de tuin werken, fotograferen ;-), …

Voor mijn meisjes zie ik dat net zo. Voor mij moeten ze niet per se een sport aanleren. Ik heb geen grote ambities voor hen, zeker al niet op sportgebied. Maar ik wil wel dat ze veel bewegen. Soms doen ze dat vanzelf, zeker als het mooi weer is buiten. Dan bouwen ze een kamp achteraan in de tuin en hoor ik ze een paar uur niet. Maar als het regent en koud is, dan zouden ze een hele dag voor tv hangen.

Een niet te competitieve sportieve bezigheid kan zo een koude woensdagnamiddag wel gebruiken. Zumba for Kids, las ik op een foldertje. Van 4 tot 8 jaar. Ideaal dacht de mama, die soms ook last heeft van luiheid. Dat ze twee oudsten samen iets kunnen doen, vind ik handig. Anders blijf ik rijden.

Dansen dat doen ze graag, dacht ik. De les verloopt achter gesloten deuren. Alleen tijdens het laatste dansje mogen de mama’s kijken. De eerste les ging Bob ze halen. Vond je het leuk? Ja.

En dus trok ik deze week opnieuw met mijn dochters naar de zumbales. Deze keer was ik wel op tijd om ze even bezig te zien. Pijnlijk. Ik probeerde te blijven glimlachen maar het is duidelijk dat mijn blonde dochters buitengewoon weinig Afrikaans bloed in zich hebben. Manou deed nog haar best maar ze heeft duidelijk heel weinig ritmegevoel. En Nina … ik weet dat ze motorisch een beetje achter is maar de kloof tussen haar en haar leeftijdgenootjes is nog nooit zo nooit geweest als tijdens die les. Slik.

Die avond (laat) zapten we snel weg van “so you htink you can dance”. “Dat is voor ons veel te confroterend” grapte Bob en ik lachte … groen.

Plots

Veel kinderen groeien stapje voor stapje, een beetje onregelmatig maar toch geleidelijk aan. Nina niet. Zij gaat voor alles of niets. Als peuter kroop ze eerst niet of nauwelijks, en dan plots van de ene dag op een andere was ze weg. En toen was ze niet meer te stoppen. Bij zwemmen was het net zo.

De eerste zomer in Oostakker was Nina doodsbang van het water. Ze is toen geen enkele keer in het water willen gaan. Nina zwom niet, punt. Haar forceren wakkerde haar angst alleen maar aan. Tot ze op een dag besloot dat ze wou zwemmen en nu krijgen we haar nauwelijks nog uit het water. Leren fietsen was ook al zo moeilijk. Uren heb ik geoefend maar het kind leek totaal geen evenwicht te hebben. En plots was ze weg.

Maar zo een 12 inch klein kinderfietsje is eigenlijk niet gemaakt om op straat te fietsen. Met zo een kleine steek trapte Nina zich te pletter. We hadden hier nog een 16 inch fiets staan maar neen, oh wee, dat zag ze totaal niet zitten. Gisteren probeerde ik haar nog eens te overtuigen in de tuin maar Nina liet zich gewoon vallen. En dan plots was het weer zover.

Die namiddag besloot ze om naar DOKstrand te fietsen op de grote fiets. Gedaan met het minifietsje, gedaan met de trekstang. Deze ochtend fietste Nina helemaal alleen naar de nieuwe school, 3,7 kilometer waarvan een groot stuk zonder fietspad, door het drukke verkeer en over de autosnelwegbrug. She did it. En trots dat ik ben 😉

Geluk

“Dokters of advocaten zijn niet noodzakelijk gelukkiger dan poetsvrouwen.” Als het over leerstoornissen gaat, duikt de stelling steevast opnieuw op. Mensen bedoelen het goed: hoge studies zijn geen garantie op emotioneel geluk. Maar tussen ons: kent u veel echt gelukkige poetsvrouwen? Wij hebben de voorbije jaren al meerdere poetsdames in huis gehad, met dienstencheques. De ene deed haar job al liever dan de andere maar ik ben zeker dat moesten ze kunnen kiezen, ze toch allemaal iets anders zouden doen.

Goede ouders willen dat hun kinderen gelukkig worden. Dat is een hele vooruitgang ten opzichte van vroeger, toen “het maken” gelijk stond aan materiële welvaart en sociale status. Mij maakt het echt niet uit wat voor werk mijn kinderen later doen (of wat de goegemeente daar van denkt.) Maar zeggen dat een school en het daarbij horend diploma onbelangrijk zijn, is toch een stap te ver.

Doen wat je graag doet, daar wordt een mens gelukkig van. En ja, voor sommige vrouwen betekent dat: thuis voor de kinderen zorgen. Ik zou mij ook goed kunnen voelen als huisvrouw (met veel vriendinnen en veel creatieve hobby’s). Het probleem met die leerstoornissen is dat die kinderen gewoon minder keuze hebben. Dat is de realiteit en die is niet voor iedereen even verteerbaar. Zelf maakt het me echt niet uit wat mijn kinderen later zullen doen van werk, echt niet. Ik hoop gewoon dat ze vroeg of laat een goed evenwicht vinden tussen wat ze willen en wat ze kunnen.

Geluk hangt af van zo veel factoren. Een leuke job is één deelaspect. Veel koppels gaan tegenwoordig uit elkaar. Dat is trouwens ook een factor waar ouders een heel belangrijke rol in spelen. Relaties worden steeds ingewikkelder. Als ik mocht kiezen dan zou ik mijn meisjes eerder een goede levenspartner en een handvol leuke goede vrienden wensen, meer dan een sjiek diploma of een vetbetaalde baan.

Leerstoornissen

Nina is een speciaal kindje. Ze was extreem klein bij de geboorte en ook nadien vlotte het eten niet echt. Toen Nina 6 maanden was zag ze er uit als een pasgeboren baby’tje. Die achterstand haalt ze wel in, zei de pediater. Maar dat is nooit gelukt. Nina liep op alle vlakken achter en dat is nog steeds zo. Binnen een paar weken wordt ze 6 maar ze ziet er nog uit als een kleuter. En kinderen worden jammer genoeg altijd vergeleken met leeftijdsgenootjes.

Nina zit nu in de derde kleuterklas, nadat ze haar eerste al eens opnieuw moest doen. Twee keer per week krijgt ze kiné en ergo. Dit schooljaar is er op of er onder. Op het einde van het jaar gaat de juf en de begeleiders van De Steijger moeten beslissen of Nina gewoon onderwijs aankan. Volgens het revalidatiecentrum is Nina een meisje met “berpekte mogelijkheden en een complex en multidisiplinair ontwikkelingsstoornis”. Ik weet niet goed wat ik me daarbij moet voorstellen, noch op korte noch op lange termijn.

Leerstoornissen, het lijkt wel de ziekte van het moment. Toen ik jong was kende ik niemand extra begeleiding nodig had of naar buitengewoon onderwijs moest. Nu moet zelf de zoon van onze kroonprins naar BO, of dan toch een sjieke vorm er van.

Dit weekend stond er een boeiend artikel in ons weekblad over kinderen met leerstoornissen, en welke invloed deze stoornissen hadden op hun verder leven. Alleen jammer dat ze enkel succesvolle (oud)leerlingen van die elitie Eurekaschool aan het woord lieten, mensen met dyslexie die later toch naar de universiteit gaan.

Het probleem is dat veel kinderen niet precies in één vakje thuishoren. Veel van die specialekes zoals onze Nina zijn bijzonder op verschillende vlakken. En dan vraag ik me vaak af: hoe loopt het leven voor die buitengewone gewone (dus niet zo overdreven begoede) kinderen? Een artikel over hoeveel procent van die kinderen uiteindelijk wat doet later, zowel qua job qua hobby’s als wat betreft vrienden en relaties, had ik boeiender gevonden.

Ps: uw waar gebeurde – zelf meegemaakte ervaringen over het onderwerp zijn hier natuurlijk altijd welkom. Dan schrijf ik dat stukje gewoon zelf 😉