Categorie archief: onderwijs

Hoe moet ik mijn kind stimuleren?

In de Vacature van deze week staat een heel interessant artikel over kinderen en hun (mogelijke) talenten. Het is een onderwerp dat mij de laatste tijd enorm bezighoudt: Manou is vijf jaar, de ideale leeftijd voor een hobby. Als geëngageerde mama wil ik mijn kind op de juiste manier stimuleren, zonder ze onder druk te zetten of ze te pushen. Verveling is goed voor de creativiteit (en voor het ego denk ik). Hobby’s en sport zijn dan weer goed voor de gezondheid, voor de sociale ontwikkeling. Waar ligt het evenwicht?

* In hoeveelheid: kinderen gaan al 5 dagen per week naar school. De meeste groepssporten vragen een enorm engagement: trainen in de week, wedstrijd in het weekend. Manou heeft de voeten niet om te voetballen en stiekem denk ik: oef. Twee keer per week een extra activiteit vind ik voor mezelf eigenlijk meer dan genoeg. Maar is dat een goede reden?

* Er worden zo vreselijk veel leuke dingen georganiseerd voor kinderen: sport, scouts of giro, muziek of iets creatiefs. Natuurlijk mag Manou zelf kiezen, maar als ouder heb je hier toch een enorme invloed. Waarom kiezen alle jongens voor voetbal en niet voor baseball of volleybal of basket? Naar de scouts of giro vind ik een heel goed idee, maar welke van beide zou ik best kiezen?

* Is de juiste keuze belangrijk? Maakte een school, een hobby of bepaalde vrienden echt het verschil? Volgens het artikel in vacature maakt het allemaal niet zo veel uit. Slimme kinderen studeren toch verder, al doen ze dat misschien jaren na hun schoolcarrière. Idem voor sport en creativiteit. Een geruststellende gedachte, al kan ik ze moeilijk geloven.

Advertenties

De Jenaplaneet

Neen, niet alle Gentse scholen zitten vol. Toevallig ontdekte ik een geheime schat, een klein en gezellig schooltje in het groen met gemotiveerde leerkrachten én met nog plaats: de Jenaplaneet.

Toen Bob en ik vorig jaar in juli naar Oostakker verhuisden, moesten we snel een nieuwe school zoeken. In onze buurt bleken er erg veel verschillende scholen. Welke moesten we kiezen? De grootste scholengroep is Edugo dus belde ik naar het secretariaat. In de hoofdschool Lourdes was geen plaats (en een wachtlijst van maar liefst 35 kindjes), maar dichterbij bij Sint Bernadette wel. Een jaar later begrijp ik ook waarom: het schooltje ligt vlak naast en sociale woonwijk en is een vierde wereld-concentratieschooltje. Ondanks de buitenmenselijk motivatie en inzet van de leerkrachten zagen wij het toch niet echt zitten. Ik geloof in sociale integratie maar wij bleken zowat de enige ouders met een normale gezinssituatie. Contact met andere ouders of vriendjes thuis uitnodigen, zat er niet in.

Dus besloten we toch en nieuwe school te zoeken. En zo kwamen we toevallig terecht op de opendeurdag van de methodeschool de Jenaplaneet. ‘Oei Jena, wasda voor een beest. Een methodeschool, is dat zoiets als Steiner en Freinet? Is dat ook zo een school waar kinderen gewoon hun zin mogen doen, en niet moeten leren? Pas maar op voor later. De overgang naar het middelbaar zal keihard worden.’

Mensen zijn gewoontebeesten. Onbekend is onbemind. Ik geef toe dat ook ik niet goed wist wat ik me moest voorstellen bij een methodeschool. Maar bij ons eerste bezoek hadden Bob en ik meteen een whaouwgevoel: zo gezellig, kleine en hartelijk, creatief, leuke leerkrachten en een paar (weliswaar afwijkende maar) mooie onderwijsprincipes. Ja, het is er een beetje anders dan in een gewone school. Kinderen worden er niet per leeftijd maar wel per niveau ingedeeld. Ze moeten veel samenwerken, veel op pad, veel creatief bezig zijn. Zoiets is toch alleen maar positief, zeker in het basisonderwijs.

De Jenaplaneet is in de eerste plaats een klein schooltje. Met klassen van 28 leerlingen is een uitstap (of vrij schilderen of spelen in het bos of zelfs individuele begeleiding) niet zo vanzelfsprekend. Hier wel. Ouders lopen er binnen en buiten, niemand jaagt zich op en kinderen kunnen er gewoon kinderen zijn. Mijn kinderen vinden het alvast geweldig, en ik ook.