Tagarchief: gent

Verkiezinsgsdag

 

Normaal zat ik nu op de redactie, te zweten en te werken. Eerlijk waar: ik was er graag bij geweest. Maar een mama moet soms haar prioriteiten stellen. En dus bleef ik bij Flo en samen hingen we een hele dag voor de buis. Goed nieuws: wij wonen in een toffe en warme stad, én Flo’s aanvallen geraken langzaam maar zeker onder controle.

Intensieve zorgen

Is dat niet de afdeling waar mensen vechten voor hun leven ? Het klonk meteen zo zwaar en ik moet toegeven dat er hier op de gang wel een paar zeer ernstige gevallen liggen.
Bovendien liggen we op een gemeenschappelijke kamer.

Toch is het hier goed. Ze zijn hier goed bemand met allemaal vriendelijke en betrokken verpleegers én artsen. Waar je op een gewone afdeling in het weekend nauwelijks iemand ziet, wordt er hier echt voor je gezorgd. Bloedafname ? Op amper een kwartier heb je resultaten. En ook de dokter komt langs, een twee drie keer.

Ik heb nog geen enkele keer moeten bellen. Zalig. Het heeft me even het gevoel er niet alleen voor te staan (op medisch vlak wel te verstaan). Ja er zijn hier veel meer regeltjes, zoals het inperken van bezoek maar stiekem vind ik ook dat gemakkelijk. Uiteindelijk zitten we hier niet voor de gezelligheid.  Als patiënt verwacht je maar één ding van een ziekenhuisopname : beter worden ( genezen is één beetje ambitieus voor ons :))

DOK-strand

Onder een prachtige blauwe hemel sloot DOK-strand het zomerseizoen af. Een vals strand in het midden van de stad, het idee sprak me aanvankelijk totaal niet aan. In Brussel, Antwerpen of Parijs heb ik ook niet de ambitie op kost wat kost “op het strand” te willen zitten.

Maar DOK-strand is gewoon een super gezellige openlucht café-restaurant voor Gentse (beetje) alternatieve dertigers en hun kinderen. Op een vrije zondag vind ik het er heerlijk vertoeven. Beetje rommelmarkten, een glaasje drinken met de vrienden terwijl de kinderen spelen op het strand: dat is voor mij nu eens echt genieten van het leven.

Aanvaring

paddle, stand up paddle
aanvaring rederij de gentenaar, bootjes van gent, toerisme, rondvaart

 

in het water door rederij de gentenaar
aanvaring rederij de gentenaar, bootjes van gent, toerisme, rondvaart

 

Zondagmorgen gingen we stand-uppaddelen, op de Leie in Gent.  Ik had er veel zin in. Prachtig weer en met een koppel leuke vrienden het water op, dat zou vast lachen worden. Zo doe activiteiten vind ik eigenlijk altijd wel leuk, al blijkt het steeds moeilijker om mijn vrienden hiervoor te motiveren. Gaat het niet saai zijn, zo een paar uur rechtstaan op een surfboard? Ga ik dat wel kunnen? Stand up paddelen bleek leuker, spannender maar ook lastiger dan verwacht. Ik vind het persoonlijk leuker dan kajakken, actiever en grappiger. Bovendien zie je meer.

Alles ging (redelijk) goed tot we onder de brug van het Laurentplein voeren, in een vrij smalle verlichte tunnel.  Toen we een toeristenbootje achter ons zagen aankomen, zette iedereen zich schrap. Andere boten maken golven, veel golven. Ik moet u daar geen tekeningetje bij maken.  Maar de sfeer zat goed; iedereen was nog goed gezind en we lachten en riepen naar kapitein. Aan de snelheid van de boot te zien, hadden we plots wel door dat deze boot anders was dan zijn voorgangers. Hij toeterde van ver en leek geen snelheid te minderen. Iedereen peddelde zo snel mogelijk naar de kant van de brug, tijd om over te steken was er niet. Bob stond links, ik een beetje eerder rechts met het andere koppel. Toen het toeristenbootje ons voorbij voer, gaf hij plots gas bij waardoor de golfslag nog heviger werd. Op een meter scheurde hij Bob voorbij. Iedereen verloor zijn evenwicht en Bob viel in het donkere vieze water.

 

Hel.  “Er is nog niemand in het water gevallen tijdens het paddelen” had de begeleider gezegd. Tja, wij dus wel. Waarom moesten wij  precies zo een wegwaterpiraat tegenkomen? Wat bezielde die man? Waarom minderde hij geen vaart zoals alle andere boten?

Ik ben een optimistisch iemand maar het laatste jaar heeft mijn geloof in de goedheid van de mens toch veel rake klappen gekregen. En ik ben niet snel boos maar eens het zover is, geef ik moeilijk af. Ik was dus absoluut niet van plan om het hierbij te laten. Bob verloor zijn zonnebril en kwam er met een schaafwonde van af maar in de tunnel had het gemakkelijk veel slechter kunnen aflopen. De sfeer was alvast meteen bekoeld. Er was trouwens geen enkele reden voor zo een gevaarlijke maneuver. Na de val moest Bob noodgedwongen stoppen met paddelen maar wij trokken verder, richting graslei. Daar kwamen we de agressieve kapitein natuurlijk weer tegen. Hij bleek van rederij De Gentenaar te zijn.

Boos voer ik in zijn richting en sprak de man er over aan. Hij weigerde me zijn naam te geven (deed gewoon alsof ik lucht was, wat mij natuurlijk nog bozer maakte), en ook de bazin van de rederij lachte mijn klachten weg. “Wij kunnen anders niet werken.” Right. Dat het die dag mooi weer was en dus druk op het water, vond zij blijkbaar een goede reden om eens een surfer te verzuipen. En dus reden Bob en ik na de paddle-initiatie richting politiecommissariaat.

Jammer dat iedereen die dit leest door die ene eikel nu waarschijnlijk denkt: goh, dat paddelen, dat is niets voor mij. Dat ziet er echt veel te gevaarlijk uit. Ik heb geen aandelen bij surf-in maar standup paddelen is echt leuk. En als u toch van plan bent om te genieten van een toeristische rondvaart in Gent: kies voor de bootjes van Gent, aan de ajuinlei. Die waren (ook in het verleden) altijd behulpzaam en vriendelijk 😉

Bij Gaston

Bob en ik hebben ons voorgenomen om één keer per maand samen te dineren. Tijd voor elkaar, koppels met drie kinderen moeten dat echt inplannen. We zijn dus altijd op zoek naar nieuwe, leuke en toch een beetje betaalbare restaurants in de buurt van Gent. Extra moeilijkheid: ik eet geen vlees én geen vis 😉

Tip van de week: restaurant Gaston, op het dak van de Galvestontoren. Waar? Op het dak van pretland, de binnenspeeltuin in de Gentse haven. En nu denken alle ouders: ahja daar 😉 Het is een pop-up restaurant, voor deze zomer alleen. Nadien gaan ze de locatie gebruiken voor privéfeesten (een leuke plek voor een trouwfeest, zeker moest je pretland er bij krijgen voor de kinderen ;-)).

Op de kaart gewone kost: steak, garnaalkroketten en ook vol au veggie 😉 Eindelijk geen veggieburger of salade geitekaas. Leuke inrichting, deftige brasseriekeuken, een tof uitzicht en veel parkeerplaats. Me like 😉

Anticiperen of reageren?

Dokters weten veel maar zeker niet alles. Het is nog al te vaak natte vingerwerk.

Nina is dysmatuur geboren, wat wil zeggen dat ze met haar 40 weken er uit zag als een prematuurtje. “Het is afwachten, kijken hoe ze evolueert”, zeiden de dokters. En zo stuurde ze ons naar huis. Goedbedoeld, daar ben ik zeker van. Haar achterstand heeft ze nooit ingehaald, integendeel. Of mijn vraag wanneer we haar best zouden laten opvolgen kreeg ik altijd hetzelfde antwoord: “afwachten”. Toen bleek dat Nina haar eerste kleuterklas moest opnieuw doen, ben ik op eigen initiatief nar het COS gestapt, het centrum voor ontwikkelingsstoornissen van het UZ Gent. Nina scoorde op de vier tests zwak tot zeer zwak en dus kreeg ik een uurtje kine per week voorgeschreven. Hu? Kritisch als ik ben, besloot ik toch naar het revalidatiecentrum De Steijger te stappen voor een tweede mening. Nina krijgt daar sinds september 2 keer per week kine en ergo, en haar vooruitgang is opmerkelijk.

Flo heeft misschien het syndroom van Lennox Gastaut. De aanvalen zijn niet mijn grootste zorg maar wel haar ontwikkeling. Ok, epilepsie is hoe dan ook zwaar maar het verschil met een zware mentale handicap is toch nog heel groot. Wanneer gaan we weten waar we aan toe zijn? “Afwachten”. Er zijn kinderen met relatief weinig aanvallen met een zware mentale achterstand, en dan heb je epilesiepatiënten met veel aanvallen die daar hoegenaamd niets aan overhouden. En om het geheel nog moeilijker te maken: bij sommige kinderen gaat het aanvankelijk goed en buigt het na een jaar of twee toch af, terwijl anderen even afzwakken – door de medicatie – om er dan toch door te komen.

Deze keer ben ik niet bereid om rustig af te wachten. Als ouder is de onzekerheid moordend. Dus nam ik contact op met vzw De Tandem, een organisatie die kinderen opvolgt met een ontwikkelingsrisico. Heel regelmatig komen zij aan huis, enkel en alleen voor haar ontwikkeling. Morgen is onze eerst afspraak. De neuroloog vond het niet echt nodig. “Als het misloopt zal ik dat na verloop van tijd ook wel zien. En dan kunnen we nog reageren.”

De man heeft waarschijnlijk gelijk. Ik stel me soms ook de vraag of die revalidatie, bijscholingen en allerhande ontwikkelingsstimulerende maatregelen op lange termijn echt een groot maatschappelijk verschil maken. Mijn gynecoloog zei ooit: “als het goed gaat, gaat het goed. Als het slecht gaat, gaat het toch slecht.” En toch. Misschien is de opvolging aan maat voor niets. Misschien heeft ze het helemaal niet nodig. Misschien doe ik het voor mij, en zal het vooral mij geruststellen. Maar heel misschien buigt ze toch af, vangen we haar op tijd op en maken we zo het verschil.

Te hard mij best doen, daar ga ik vast geen spijt van hebben.

Pottendraaien, deel 2

Goede morgen An,

We hebben na overleg met de verschillende betrokkenen beslist om een atelier pottendraaien/papier mâché te organiseren voor kinderen tijdens de paasvakantie.
Het atelier zal doorgaan de 2de week van de paasvakantie van dinsdag tot vrijdag.

Er is opvang voorzien vanaf 8u30, we starten om 9u15 en we stoppen om 16u en er is opvang tot 16u45. Per dag zullen we ongeveer 2 uur pottendraaien, de rest van de dag wordt ingevuld door animatie, en vormgeven met papier mâché, tekenen en schilderen.
We zijn met 2 lesgevers, Charlotte, die bij ons het atelier geeft voor volwassenen en ikzelf. Ik heb ervaring met ateliers voor kinderen. De kostprijs zal € 100,00 bedragen (materiaal inclusief) voor de 4 dagen.

Waar? In de Vrije Academie in Gent (dichtbij het Zuid, aan de Nieuwen Bosch). Wat vreselijk spitig dat wij die week normaal gezien gaan skiën. Ik denk wel dat het erg tof gaat worden. Hopelijk doen ze het deze zomer nog eens (en ondertussen ben ik nog altijd op zoek.)

0497 461 501

Een paars mutsje

image

Manou en Nina volgen zwemles op woensdagnamiddag, een halfjaarlijkse cursus. Deze week werden de niveaugroepjes opnieuw samengesteld.

Je hebt de lichtblauwe en de groentjes, dat zijn de kleuters die nog helemaal geen watergewenning hebben. Dan zijn er 2 groepjes rode badmutsjes, die leren zwemmen. Manou zat bij de gele en dan zijn er nog de paarse, vanaf 7 jaar die echt al goed vooruit gaan.

Er bleken deze lessenreeks weinig of geen gele mutsjes dus werd Manou gepromoveerd tot paars.

Mijn eerste reactie op de tribune was er één van trots. Wat leuk, dacht ik. Tot ik naar Manou keek. Dikke tranen liepen over haar wangen. Ze durfde niet.

Weer zo een dubbel verhaal. In de paarse groep is ze veruit de kleinste. Maar voor de rode zwemt ze te goed. Voor mij moet ze niets; ik wil vooral dat ze zich amuseert. Toch moest ik meteen denken aan die Chinese tijgermoeder, die vindt dat wij westerse mama’s onze kinderen onderschatten.

Ze heeft de les uitgezwommen, met veel traantjes. Volgende week gaat ze het nog een keer proberen bij paars. En als het dan niet lukt, stuur ik ze gewoon terug naar rood.

Welcome to the factory

image

Alle gekruiste duimen en schietgebedjes ten spijt, ze hebben ons toch doorgestuurd naar het UZ. Aan mijn vorige korte verblijven en de consultaties heb ik niet echt goede herinneringen overgehouden. Laten we hopen dat mijn vooroordelen onterecht blijken.

Het gebouw is alvast vernieuwd. Mooi en modern, dat moet ik alvast aangeven. En Flo mocht meteen op onderzoek. Geen uren wachten zoals de vorige keer. geen kamernummers maar namen op de deur, en het eerste contact met de verpleegsters verliep erg gemoedelijk. Ze hebben zelfs Flo’s handje verdoofd zodat het bloedtrekken haast zonder traantjes verliep.

En toch. Voorlopig heb ik nog net iets te veel aandacht voor de ‘andere’ details: zo een mooi en nieuw gebouw en toch kiezen voor zo kleine oncomfortabele slaapzetels voor de ouders. Kwestie van die overbezorgde mama’s zeker niet te hard te motiveren om te blijven. En in de triestige cafetaria heb ik me moeten troosten met ja, oh weer, voor de zoveelste keer deze week een broodje kaas. Straks verander ik in een. En slechts 1 internetverbinding per kamer. Het is dus kiezen tussen iPad en gsm’s. Zonde.

Maar dat zijn natuurlijk details. De beste dokters zitten hier. Ik hoop dat ze snel iets vinden. ‘We zijn bezorgd’, zeiden ze. Ik nu dus ook. En toch gaan we moeten wachten tot maandag, want ook hier draaien ze in het weekend op een minimumbezetting. Maandag zal het ook niets worden, dankzij die overijverige vakbonden. Ondertussen tikken mijn verletsdagen verder aan. Zucht.

Theater Taptoe

Urbanphotography, ik vind het altijd leuk om doen. Toch komt het er zelden van. Het vraagt tijd om locaties te zoeken en ze dan nog te fotograferen. Bovendien vind ik het vaak een beetje vrijblijvend. Ok, er bestaan in België heel veel fotogenieke, vervallen plaatsen maar wat doe je achteraf met die beelden?

Maar toen mijn stagiair me tipte over een vervallen pand vlak achetr mijn deur, kreeg ik toch zin er eens binnen te springen.   

De sluis-onthaalmoeder

Sinds maandag gaat Flo naar een nieuwe onthaalmoeder: Jessie. Het op en af rijden naar Zwijnaarde viel ons toch een beetje zwaar. Een onthaalmoeder moet in de eerste plaats bereikbaar en beschikbaar zijn, besef ik nu. Lief, zacht, proper, begripvol of professioneel zijn bijzaak.

Jessie woont in Oostakker en had een plaatsje vrij. Punt. Ze gaat dus, al is het even wennen. Niet dat de dame in kwestie het niet goed doet. Ik weet het gewoon niet. In de gang geven we Flo af, ’s avonds pikken we haar daar terug op. Het is een soort sluis, tussen ouders en onthaalmoeder.

Pas op, na drie kinderen begrijp ik haar zelfs een beetje. Veel ouders zijn overbezorgd, hebben over alles een mening (;-)) en vinden van zichzelf dat ze het steevast beter doen. Ik denk dat het vreselijk moeilijk is. Straf je kinderen, dan ben je te streng. Laat je ze los, dan is het ook niet goed. Knuffel je ze net iets te veel, dan denken ze aan pedofilie. Enz. Bovendien zijn er veel mama’s die hun kind maar moeilijk kunnen loslaten.

Een kwartier afscheid nemen heeft soms veel weg van emotionele mishandeling. Ik ga voor de korte pijn: dààg schat, leuke dag, kus, deur, weg. Toch vind ik de sluisformule een beetje raar. Waar zou ze spelen? Met wat? En met wie? Wie zijn die andere kindjes? En hun ouders?

Flo kan het me allemaal nog niet vertellen. Ze is wel doodmoe na een dagje Jessie. Zou dat nu goed of slecht teken zijn?

De Jenaplaneet

Neen, niet alle Gentse scholen zitten vol. Toevallig ontdekte ik een geheime schat, een klein en gezellig schooltje in het groen met gemotiveerde leerkrachten én met nog plaats: de Jenaplaneet.

Toen Bob en ik vorig jaar in juli naar Oostakker verhuisden, moesten we snel een nieuwe school zoeken. In onze buurt bleken er erg veel verschillende scholen. Welke moesten we kiezen? De grootste scholengroep is Edugo dus belde ik naar het secretariaat. In de hoofdschool Lourdes was geen plaats (en een wachtlijst van maar liefst 35 kindjes), maar dichterbij bij Sint Bernadette wel. Een jaar later begrijp ik ook waarom: het schooltje ligt vlak naast en sociale woonwijk en is een vierde wereld-concentratieschooltje. Ondanks de buitenmenselijk motivatie en inzet van de leerkrachten zagen wij het toch niet echt zitten. Ik geloof in sociale integratie maar wij bleken zowat de enige ouders met een normale gezinssituatie. Contact met andere ouders of vriendjes thuis uitnodigen, zat er niet in.

Dus besloten we toch en nieuwe school te zoeken. En zo kwamen we toevallig terecht op de opendeurdag van de methodeschool de Jenaplaneet. ‘Oei Jena, wasda voor een beest. Een methodeschool, is dat zoiets als Steiner en Freinet? Is dat ook zo een school waar kinderen gewoon hun zin mogen doen, en niet moeten leren? Pas maar op voor later. De overgang naar het middelbaar zal keihard worden.’

Mensen zijn gewoontebeesten. Onbekend is onbemind. Ik geef toe dat ook ik niet goed wist wat ik me moest voorstellen bij een methodeschool. Maar bij ons eerste bezoek hadden Bob en ik meteen een whaouwgevoel: zo gezellig, kleine en hartelijk, creatief, leuke leerkrachten en een paar (weliswaar afwijkende maar) mooie onderwijsprincipes. Ja, het is er een beetje anders dan in een gewone school. Kinderen worden er niet per leeftijd maar wel per niveau ingedeeld. Ze moeten veel samenwerken, veel op pad, veel creatief bezig zijn. Zoiets is toch alleen maar positief, zeker in het basisonderwijs.

De Jenaplaneet is in de eerste plaats een klein schooltje. Met klassen van 28 leerlingen is een uitstap (of vrij schilderen of spelen in het bos of zelfs individuele begeleiding) niet zo vanzelfsprekend. Hier wel. Ouders lopen er binnen en buiten, niemand jaagt zich op en kinderen kunnen er gewoon kinderen zijn. Mijn kinderen vinden het alvast geweldig, en ik ook.